Het andere gezicht van Kuopio
Vandaag wordt in het Finse Kuopio weer de Alternatieve Elfstedentocht geschaatst. Het evenement trekt al twee decennia tientallen Nederlanders, die met de blik op oneindig hun martelgang volbrengen, onwetend van de vele andere wintersportmogelijkheden die dit merengebied biedt. Oogkleppen af voor de sledehonden, ijsvissen, sneeuwschoenwandelen, abseilen, skiën/snowboarden en met een brullende sneeuwscooter over de diepgevroren meren scheuren.
Nu is het niet zo dat al die bezigheden zijn aan te bevelen. De Finnen houden er ook nogal vreemde sporten op na. Het zullen wel de lange winters zijn die hen op die rare ideeën brengen. Urenlang aan de dranktafel, lallend bij een knapperend haardvuur, kom je dan vanzelf uit bij kampioenschappen ‘muggen doodslaan’ en ‘je vrouw dragen’.
Je kunt in Finland ook sneeuwgolfen, autoracen op het ijs en in een uitgehakt wak van een diepbevroren meer gaan liggen en aldus -we citeren even de folder van de plaatselijke buitensport-aanbieder- ‘to explore the Finnish nature from the view of a pinguin’.
De eerste sport waarmee we op het enorme Kalavesi-meer worden geconfronteerd is evenwel onze eigen vertrouwde wintersport. Dat is niet vreemd want Kuopio is al sinds 1984 gastheer van de Alternatieve Elfstedentocht. Er is ook een behoorlijk schaats-scene; de Kuopio Skating Club telt 350 leden.
Toch zijn het de Nederlandse (semi-)profs die de marathonwedstrijd van 200 km elk jaar domineren. Bij de 100 km ‘kicksled’ (steppen op ijs) daarentegen zijn onze landgenoten in geen velden of wegen te bekennen.
Met een klein groepje uitverkorenen mogen wij de barre schaatstocht (editie 2003) vanaf de sneeuwscooter volgen. Door de enorme ruimte en het gebrek aan toeschouwers op het meer, kun je heel dichtbij de zwoegende matadoren komen. Ik word bevangen door een sensationeel gevoel: ik treed in de voetsporen van de befaamde sportcommentator, wijlen Theo Koomen. En ik lach die Tour-reporters, die als zakken aardappels achter op de motor zitten, allemaal uit; want ik bestuur mijn motor ook nog eigenhandig!
Al is het lastig verslag te doen in zulke herrie. Enige irritatie kan de maratahonschaatsers ook niet worden ontzegd, als zij weer eens verstoord opzij kijken, met een blik van: ‘ga toch weg, rare Fin, met je lawaaimachine.’
Het is op het ijs van Kuopio een botsing van culturen.
Nog een fraai voorbeeld: die ijsvisser die niet wilde wijken van zijn vaste stek, waardoor het wedstrijdparcours moest worden verlegd: dat vinden de Nederlandse schaatsers maar raar. Ze moesten eens weten dat ‘slechts’ twee meter in de ijsvisserij een wereld van verschil kan betekenen: tussen dat van een hele dag tevergeefs in een gat staren en chagrijnig thuiskomen of een volle emmer Kalavesi-vis.
De Nederlandse deelnemers aan de Finse schaatsmarathon houden er een beperkt programma op na in Kuopio: schaatsen, eten, rusten, schaatsen, eten en rusten. En aan het einde van de martelgang flink doorzakken op het schaatsfeest.
Het is ook wel voorstelbaar dat je vóór de marathon goed wilt uitrusten en daarna minimaal een week nodig hebt om bij te komen. Maar daardoor gaan er wel mooie dingen aan je neus voorbij.
Terwijl de schaatsers hun roes uitslapen of door de spierpijn hun bed niet meer kunnen verlaten, zijn wij de ochtend na de race het middelpunt in een kakofonie van twee roedels blaffende huskies. Zij gaan ons straks door het sneeuwlandschap trekken, maar dat gebeurt wat hen betreft liever gisteren dan vandaag. Met flinke ankers zijn onze sleeën vastgezet, maar de kracht en het enthousiasme van de honden is zo groot dat we na een zeer korte instructie al moeten vertrekken met de tweepersoons slee. De ene persoon zit gerieflijk onder een dekentje. De ander daarachter, staand op de glijijzers, met de teugels in de handen.
Dat gaat veel eenvoudiger dan gedacht. De Finse begeleider glijdt voorop met zijn slee, in de langlaufsporen. En de rest van de uitzinnige hondenmenigte volgt vanzelf. In een mum van tijd bevinden we ons op een uitgestrekt meer, omgeven door een heerlijke rust. Het geblaf is ook snel verdwenen; de honden hebben al hun energie nodig voor het loop- en trekwerk. De stilte wordt alleen af en toe ruw onderbroken door een sneeuwscooter. Verder zijn het vooral langlaufers die we tegenkomen én passeren. Dat hebben we vooral te danken aan de Alaskische huskies, legt de hondenman ons later uit. Die werken harder dan hun Syberische soortgenoten.
Ze zijn ons allen even lief en de waterbak die na de arbeid in recordtempo wordt leeggelebberd, komt elke hond toe. Het moet iets heel bijzonders zijn om een paar dagen met deze honden door de Finse natuur te trekken, maar daarvoor ontbreekt nu de tijd.
De sneeuwschoenen staan al in het gelid te wachten. Dat is niet meer de mattenklopper of tennisracket van weleer, maar een vederlichte plastic gestel waarmee je gerust een stukje kunt rennen door de diepe sneeuw. Maar dat zullen de Finnen vast ook al hebben bedacht: de 110 meter horden op sneeuwschoenen.
We bestijgen moeiteloos een steil bergje en worden daarna geacht per touw weer af te dalen, langs overhangende rotsen. De sneeuwschoenen mogen gelukkig uit. Hangend in de koude lucht van Kuopio is het maar een kleine geruststelling dat een eventuele val zal eindigen in een zacht pak verse sneeuw.
Dan is het toch heel wat rianter op het zadel van een sneeuwscooter. Je voelt je wel een botte hufter als je met grofweg honderdtwintig decibel door het Finse natuurlandschap schiet. Maar aan de andere kant: in tijden heb ik niet zo’n kinderlijk plezier beleefd als direct na het indrukken van de gashendel. Het wegschieten over het ijs en de G-krachten die op het lichaam drukken, een topsnelheid van meer dan honderd kilometer per uur. Hiervoor wil ik best even als botte hufter te boek staan.
De Finnen zien het ook heel wat ruimhartiger: de sneeuwscooter is gewoon een handig vervoermiddel. In de Kuopio-regio ligt alleen al 1100 kilometer aan sneeuwmobiel-routes.
Wij hebben ook een flinke rit voor de kiezen. Tachtig kilometer verderop worden wij in het wintersportgebied Tahko verwacht. Dat is een tocht van een kleine vijf uur. Daarvoor moet je wel 170 euro neerleggen. Maar bijzonder is het, zo’n woestijnrace door een winterlandschap. De witte leegte, omgeven door naaldbomen. Af en toe kom je een boerderij of een kleine nederzetting tegen. In de verte een langlaufer.
Het terrein gaat gaandeweg over in heuvelachtig en bosrijk. Hortend en stotend begeven we ons over smalle bospaden. Dat is veel inspannender dan het cruisen op de vlakte. Bovendien moet je goed opletten dat je niet op tegenligger botst.
Als ons konvooi eindelijk in Tahko arriveert is het al schemerig en begrijp ik waarom een Formule 1-coureur er na een lange race altijd zo vermoeid uitziet.
We vullen onze magen in de Pekhu Bar, een moderne blokhut van ongewone afmetingen. De verschillende zalen zijn zo splinternieuw dat het hout nog lekker vers ruikt: alsof het gisteren is gekapt, vandaag is geschaafd en geschuurd en –vlak voordat wij arriveerden- is getimmerd.
Tahko timmert aan de weg, zoveel is zeker. Het mag zich inmiddels een van de beste ski-gebieden van Finland noemen. Al zal dat de doorgewinterde skiër of snowboarder nog niet tot een bezoek verleiden. De beginner en licht-gevorderde daarentegen zal zich wel thuisvoelen op de zeventien sympathieke afdalingen, waarvan de langste twaalfhonderd meter is en een maximaal hoogteverschil heeft van tweehonderd meter. Sneeuwzeker is het wel. Van november tot mei.
En als je bent gesteld op en vals zingende karaoke-amateurs en liederlijke Finnen die je vriendelijk aanklampen aan de bar dan kom je ook ’s avonds wel aan je trekken in Tahko. Al kun je natuurlijk ook –heel romantisch- een van de honderden blokhutten (met sauna) huren en opteren voor een rustiger verblijf.
Het is maar goed dat we de volgende ochtend niet zelf achter het stuur hoeven te zitten van de race-auto’s die een duizelingwekkend parcours afleggen op het ijs. Verrassing van de organisatie: wij mogen een razendsnel rondje meerijden met een voormalige wereldkampioen ralley. Na dertig seconden stap ik tollend uit de bolide (met spijkerbanden) en vraag me af wat er zo-even is gebeurd.
We kunnen bijkomen van alle indrukken in het Spahotel Kunnonpaikka, dat wij tenslotte tijdens de terugreis naar het vliegveld aandoen. Het is de perfecte afsluiting van een (te) korte doe-reis. In de Finse sauna, Turks stoombad en zwembad kunnen alle indrukken van de afgelopen dagen rustig bezinken.
Als er dan toch íets is wat de marathonschaatsers moet worden aanbevolen als zij vanmiddag uitgeput over de finnish komen, dan wel een bezoek aan dit kuuroord. Verschijnen ze maandag weer kiplekker op het werk en kunnen ze ’s avonds probleemloos hun vertrouwde rondjes rijden op de eigen ijsbaan (al dan niet op de ijsstep).
(Het Parool, februari 2004.)